Doorgaan naar hoofdcontent

Trots, eer en een magistrale mislukking




Het is alsof hij jarenlang op dit moment heeft gewacht… Al zijn dromen zullen binnenkort uitkomen… In gedachten heeft hij dit moment al beleefd en zijn verlangen is zo sterk dat hij de koninklijke mantel al om zijn schouders kan voelen. Het lijkt alsof hij het gejuich en het applaus van het volk al kan horen, terwijl zijn naam door de hele stad weerklinkt. “Zo wordt gedaan met de man aan wie het de koning behaagt eer te bewijzen!”

Ja, Haman had hier lang van gedroomd. Nu zou het eindelijk werkelijkheid worden! “Natuurlijk wil de koning mij eren. Ik ben degene die hem het beste en het meeste dient, waarom zou hij iemand anders willen eren?”

Haman leefde in een wereld vol van ‘ik’ en ‘mijzelf’… hij bewonderde zichzelf het meest. 

Hij mag dan rijk zijn geweest, zijn hart verlangde naar iets wat hij met al zijn geld niet kon kopen: eer. 

Is het je al eens opgevallen hoe vaak hij het woord ‘eer’ gebruikt wanneer hij beschrijft wat er precies gedaan moet worden met die ene man? Laten we eens kijken:

"Toen dacht Haman bij zichzelf: aan wie behaagt het de koning meer eer te bewijzen dan aan mij? Daarom zei Haman tegen de koning: Voor de man aan wie het de koning behaagt eer te bewijzen, moet men het koninklijke gewaad brengen dat de koning gewoon is zelf te dragen, en het paard waarop de koning gewoon is zelf te rijden, en laat een koninklijke diadeem op zijn hoofd gezet worden. En dan moet men dat gewaad en dat paard in handen geven van iemand uit de vorsten van de koning, de edelen. En dan moet men hem aan wie het de koning behaagt eer te bewijzen, hiermee kleden en hem op dat paard doen rijden over het plein van de stad, en voor hem uitroepen: Zo wordt gedaan met de man aan wie het de koning behaagt eer te bewijzen!”

Ken je iemand die zo is?

“Dit is de man die altijd praat over hoeveel hij verdient, over hoeveel kinderen hij heeft, hoe onmisbaar hij voor de koning is en hoe belangrijk hij is.” – Charles Swindoll

Meteen nadat Haman deze woorden tot de koning heeft gesproken en hem zijn allergrootste droom heeft voorgelegd, zien we Gods gevoel voor humor in deze geschiedenis… “Toen zei de koning tegen Haman: Haast u, neem het gewaad…” Esther 6:10

Het heeft weliswaar vijf jaar geduurd voordat het zover was, maar dit moment was het wachten waard. 

Haman was zo naast zijn schoenen gaan lopen dat God Zich klaarmaakte om hem te laten zien wat ook alweer zijn plaats was.   

In Romeinen 12:3 worden wij aangespoord niet hoger te denken dan wij moeten denken, maar te denken in nederigheid, naar de mate van geloof zoals God die aan een ieder van ons heeft gegeven. Met andere woorden, wees niet trots.

“Vroeger of later zal de trots in ons hart door onze mond worden verraden.” - Beth Moore

Hoe zeer blijkt dat niet uit deze geschiedenis van Haman! De trots die zijn hart vervulde overstroomde uiteindelijk als een overvol bad met teveel schuim erin. Niet echt een mooi gezicht, eerder een bende. 

Trots stroomde van Hamans hart door zijn mond en hij staat op het punt de troep van deze magistrale mislukking te moeten opruimen. 

Weet je, lieve vriendin, het probleem was niet zozeer dat Haman tevreden was met zichzelf – het probleem was dat hij iets té tevreden was met zichzelf. Zijn identiteit was niet gebaseerd op Christus, maar veeleer op wie hij (Haman) zelf was en wat hij deed. Zijn identiteit kwam voort uit wat de wereld waardevol achtte, in plaats van wat voor God van waarde was. Hij zocht eer van mensen, niet van God. 

Hoe geweldig is het contrast met Mordechai dat we maandag zullen zien! Ik kijk ernaar uit – het is één van mijn favoriete gedeeltes uit deze geschiedenis!

Laten we voor vandaag deze waarheid voor ogen houden: God roept ons niet op om weinig zelfvertrouwen te hebben. Integendeel, Hij wil dat we onze eigenwaarde vinden, niet in wat wij doen, maar in wiens eigendom wij zijn. Onze eigenwaarde is gegrond in onze identiteit in Christus en in Hem alleen.

Laten we niet langer leven voor het applaus van vele mensen, maar in plaats daarvan leven voor het applaus van de Enige die ertoe doet. Mogen onze dromen anders zijn dan die van de Hamans in deze wereld. Laat ons leven niet gaan om ‘ons’ of ‘ik’ of ‘mijzelf’, maar slechts om Hem alleen… niet tot onze eer, maar tot Zijn eer.

Heb God groots lief!


Reacties