Doorgaan naar hoofdcontent

Kan God al onze gebeden horen?



Als je je ooit hebt afgevraagd of God jouw gebeden wel hoorde toen je midden in de gevolgen van je zonden zat, in de verzen van vandaag vind je je antwoord.

Vergis je niet; Jona had gezondigd en was weggerend van God. Hij had haat en angst in zijn hart toegelaten voor een specifieke groep mensen. Hierdoor was zijn hart zo vergiftigd dat hij liever ongehoorzaam was aan God dan dat hij door Hem gebruikt wilde worden.

Maar zelfs toen hij God trotseerde lukte het Jona niet om ver weg te varen.

God kwam naar hem toe.

Hij kwam als een storm om Jona wakker te schudden uit zijn slaap. Zowel letterlijk als figuurlijk. Jona dacht niet na over hoe de gevolgen van zijn zonde de mensen om hem heen konden raken. Als we ons leven op onze eigen manier willen inrichten dan zijn we niet bezig met de gevolgen voor anderen om ons heen.

Helaas hebben we soms een storm nodig die ons wakker schudt. Een storm zo groot dat we wakker worden, onze zonden onder ogen moeten komen en ervan kapot zijn. Onze ogen worden geopend en we moeten erkennen dat we wanhopig op zoek zijn naar een Verlosser, iemand die ons redt van onze ondergang.

En op dat punt vinden we Jona. Hij is aan het eind van zijn latijn. Hij trotseerde God maar hier moet hij stoppen, in het midden van de oceaan, in de buik van een grote vis.

En daar roept Jona het uit tot God.

Dat waarvan Jona dacht dat het hem zeker zou doden, werd uiteindelijk door God gebruikt om hem te redden. Grappig hoe God dat soms doet. Jona dacht dat het in de zee gegooid worden, middenin die verschrikkelijke storm, hem zou doden. De zwaarste straf op het wegrennen van en zondigen tegen God.

En toch koos God ervoor om hem genade te tonen, iets wat Jona de mensen van Ninevé niet gunde.

Ik kan me niet voorstellen wat het moet zijn geweest om door een vis doorgeslikt te worden. Jona moet gedacht hebben dat hij eraan ging.

Maar dit is wat er nodig was voor Jona om uiteindelijk met God te gaan praten. Bizar hoe het soms nodig is om door stormen te gaan en bijna te sterven om uiteindelijk naar God te keren en te praten met Hem.

In de buik van de grote vis keert Jona terug tot God. Vol dankbaarheid zegt hij: “Ik riep uit mijn benauwdheid tot de HEERE en Hij antwoordde mij. Uit de schoot van het graf riep ik om hulp, U hoorde mijn stem.” (Jona 2:1-2)

Zelfs nadat Jona weggerend was van God en Hem had getrotseerd, hield God nog steeds genoeg van hem om hem terecht te wijzen en te redden. God koos ervoor om te luisteren naar Jona. God was er voor Jona toen hij het uitschreeuwde om hulp en God gaf antwoord (Jona 2:1).

In welke storm in het leven jij je ook bevindt, hoe hoog de nood ook is… God hoort altijd de roep van Zijn kinderen.

In de buik van de vis hoorde God niet alleen het gebed van Zijn kind maar Hij toonde ook genade aan Jona.

Vergeet niet; er is geen zonde te groot en omstandigheid te donker dat God je er niet uit kan redden. Zoals Jona kan ook jij je naar Hem keren in het midden van jouw storm en God zal je daar ontmoeten, zelfs al is het in de buik van een grote vis.

Vertel eens: Hoe is God met jou geweest in de stormen van jouw leven?

Heb God Groots Lief!


Uitdaging: Schrijf deze week op hoe God jou gered heft in de stormen van je leven! Het is zo belangrijk voor ons om onszelf te herinneren aan de trouw van onze Heer!





Reacties